Soorten ragout

soorten-ragout

In de wintertijden kan het zo lekker zijn, ragout. Het is niet moeilijk om te maken en er zijn zoveel varianten, er is voor iedereen wel een ragout. Zo heb je onder andere ook een ragout voor veganisten, maar ook een runderragout, kipragout, kalfsragout, garnalenragout, goulashragout, shoarmaragout en visragout. Er zit vast wel een soort ragout bij die bij jou past, en zelf experimenteren kan natuurlijk ook nog altijd. Vroeger kwam ik in de wintertijden vaak bij mijn oma, zij ging speciaal voor mij en mijn gezin ragout maken. Dit was een van mijn favoriete gerecht van de winter. Tegenwoordig ken ik haar recept en maak ik het zeker elke winter zelf zo vaak als het maar kan. Mijn persoonlijke favoriet is de kipragout.

In Nederland is de meest bekende ragout soort het pasteitje. Dit is een rondje van bladerdeeg, wat warm en hartig is. Traditioneel wordt het pasteitje gevuld met kippenragout of runderragout. Het kan ook zo zijn dat er met het pasteitje alleen het gebakje bedoeld word. Meestal wordt er met pasteitje het gehele gerecht bedoeld, wat bestaat uit bladerdeeg en de bijbehorende vulling. Het pasteitje oftewel het gebakje bestaan uit een soort rond doosje met een klein dekseltje. Pasteitjes worden meestal als voorgerecht gegeten, maar het is niet ongebruikelijk als het als hoofdgerecht geserveerd wordt. Als je van plan bent om het als hoofdgerecht te serveren is het aangeraden om er iets van brood, rijst of friet bij te doen.

Het pasteitje was mogelijk al sinds de Franse Tijd in het zuiden van ons land. De uitvinden van het bekende pasteitje was een Franse kok genaamd Marie-Antoine Careme, hij woonde in Parijs van 1784 tot 1833. In plaats van kruimel- en korstdeeg blijkt dus dat hij bladerdeeg. Toen het gebakje ineens op een toren begon te lijken riep de man hard op in het Frans ‘Hij vliegt omhoog!’. Dit is misschien ook wel de reden dat het gebakje in andere landen gewoon vol-au-vent heet, wat hij vliegt in de lucht betekend in het Frans. Er gaan ook geruchten dat het gebakje zo licht was dat het met de wind mee kan vliegen. In Vlaanderen word het gebakje ook vol-au-vent genoemd, maar daar word niet alleen het pasteitje zelf mee bedoeld maar het gehele gebakje inclusief de ragout die als vulling gebruikt wordt.

Het is mogelijk om de pasteitjes zelf te maken van bladerdeeg, maar tegenwoordig kun je zo ook kant en klaar halen in de supermarkt wat ook handig is. Als je ragout wilt maken en je hebt een pasteitje, dan is het de bedoeling dat je eerst een dekseltje uit de bovenkant van het pasteitje snijd. Als je het dekseltje eruit hebt gesneden leg je deze weer terug op de plek waar je het eruit hebt gesneden en kun je het pasteitje voorverwarmen in de oven. Daarna worden ze uit de oven gehaald om gevuld te worden met de ragout. Als het pasteitje gevuld is doe je het dekseltje er weer op en je kunt het gerecht gaan serveren.